Lidens Gamla Kyrka, met de losstaande houten klokkentoren en het omheinde kerkhofje. |
Magnus Huss (1755 - 1797) was een handelaar uit Sundsvall wiens ambities achteraf groter bleken dan zijn commerciële successen. In de tijd van Huss begon de houthandel in Medelpad te floreren. De boomstammen werden onder meer via de Indalsälven en zijrivieren vervoerd naar Sundsvall , maar de grote stroomversnelling ("Storforsen") van Gedungsen zorgde voor veel brokken en totaal vernielde boomstammen, waardoor het hout waardeloos werd.
Huss meende dé oplossing gevonden te hebben. Hij zou de stroomversnelling omzeilen door een nieuw kanaal uit te graven naast Storforsen. Met zijn Storfors Bolag begon hij in 1794 vol goede moed aan het immense werk. Daarvoor had hij een zanderig terrein uitgekozen, omdat dit nu eenmaal veel gemakkelijker graaft. Op 6 juni 1796 liep het grondig fout. De houten dammen die Huss had gebouwd op de losse zandgrond, bleken niet bestand tegen de lentevloed van de rivier en braken door. De erosiegevoelige zandgrond was geen partij voor het woeste water en spoelde ogenblikkelijk weg. De rivier verlegde meteen zijn loop, Storforsen viel droog. Het stroomopwaarts gelegen Ragunda-meer, 26 kilometer lang, was zijn natuurlijke dam kwijt en liep in vier uur tijd volledig leeg. Een vloedgolf van 15 meter trok over de Indalsälven en richtte tot aan de monding in de Oostzee een ware ravage aan. Het was één van de grootste "natuur"-rampen uit de Zweedse geschiedenis, maar als bij wonder vielen er geen doden.
De omwonenden van Ragundasjön, die onder meer leefden van de zalmvangst in de stroomversnelling, waren woest op Magnus Huss, die ze bedachten met de bijnaam Vildhussen (de Wilde Huss). Een jaar later spoelde zijn dode lichaam aan op de oever van de Indalsälven in Liden, waar hij op 10 september 1797 werd begraven op het kerkhof. Blijkbaar was zijn boot gekapseisd, volgens hardnekkige geruchten nadat die een zetje had gekregen van de gefrustreerde landbouwers en vissers uit de geteisterde omgeving.
Het graf van Magnus "Vildhussen" Huss op het kerkhof van Lidens Gamla Kyrka. |
Sinds die noodlottige 6 juni 1796 heet Gedungsen niet langer "Storforsen" (de Grote Stroomversnelling), maar wel "Döda Fallet" (de Dode Waterval). Het is nu een natuurgebied waar de gevolgen van de ramp die Vildhussen heeft veroorzaakt nog altijd duidelijk te zien zijn. Een bezoek aan Döda Fallet staat voor één van onze volgende verblijven op het programma.
En tot slot voor de 'petite histoire': Magnus "Vildhussen" Huss heeft een bekende neef én naamgenoot die wel succes kende. De zoon van zijn broer kreeg dezelfde naam mee, schopte het tot professor en staat nu over de hele wereld bekend als de arts die voor het eerst alcoholisme als een ziekte beschreef. Ook deze Magnus Huss (1807-1890) kreeg een bijnaam: Tamhussen, oftewel "de kalme Huss".
![]() |
De beroemde neef en naamgenoot van Vildhussen: professor Magnus "Tamhussen" Huss. |
Een bijzondere geschiedenis. Kerkje is ook erg mooi. Wij zijn er vorig jaar geweest. Zie:
BeantwoordenVerwijderenhttp://photolutra.blogspot.nl/2014/10/flowers.html
Groet Jan
Ook toen wij er waren stonden er bloemen, maar ze waren volledig verwelkt. Dat paste eigenlijk ook wel wat bij de sfeer.
Verwijderen